De stedenbouwkundige is een verkenner. Hij zoekt in een bepaalde richting. Van een mijnenveld vol onzekerheden maakt hij een betreedbaar veld van waarschijnlijkheden. Daarbij is hij even gevoelig voor de functionele als voor de visuele kant van de stad, de eerste variabel, de laatste concreet en tastbaar. Zijn oor hoort altijd meer dan de stem van zijn opdrachtgever. Hij beluistert wat er leeft en wat de stemmingen rond een opgave zijn. Hij schept kansen. Maar als het erop aan komt schuwt hij de regie niet. Een rooilijn is een lijn die niet door bebouwing mag worden overschreden. De beweging van een straat, de contour van een plein zijn geen toevalligheden die zo maar ontstaan. Zij moeten precies worden bepaald en liggen vaak voor eeuwen vast. Bij zulke zaken hult de stedenbouwkundige zich niet in het camouflagepak van het neutrale grid of de wollige taal van de markt, maar tekent hij trefzeker de juiste lijnen.

Wie met Habets Stedenbouw werkt krijgt altijd te maken met stedenbouwkundige Ad Habets (geb. 1951). Habets heeft affiniteit en ervaring met planvorming op de schaal van straat tot stadsdeel. Bij complexe opgaven werkt hij graag samen met landschapsarchitecten, civieltechnici, productvormgevers en 3d-tekenaars. Zijn ontwerpen worden gekenmerkt door een hecht verband tussen stedenbouw en landschap. Hij houdt van schilderachtige straatbeelden en verscheidenheid in architectuur. Door ruime ervaring met bouwen in kleinere kernen is het dorpsontwerp een van zijn specialismen geworden. Behalve uit de directe omgeving van plangebieden put hij inspiratie uit de Engelse traditie van stedenbouw en landschapsarchitectuur. Zo is zijn ontwerp voor Twello schatplichtig aan Blaise Hamlet (J. Nash) en Poundbury (L. Krier e.a.). Hij organiseert ook studiereizen naar Engeland.